Wiskunde A havo

Hier staat alles wat de syllabus voor het centraal examen 2027 van wiskunde A havo noemt, per domein en subdomein. Bij elk onderdeel zie je of het op Wiskundehulp staat. Deze pagina is een kaart: de uitleg zelf staat op de pagina's waar de links naartoe gaan.

In de syllabus staat: “Het centraal examen heeft betrekking op domein C en de subdomeinen B1, B2, E1, E2, E3 en E4 in combinatie met de vaardigheden uit domein A.” Domein D (Verandering) en de subdomeinen B3 (Telproblemen) en E5 (Statistiek met ICT) horen alleen bij het schoolexamen. De officiële tekst lees je in de syllabus wiskunde A havo 2027 op Examenblad.nl.

Twijfel je nog tussen wiskunde A en B? Lees dan het verschil tussen wiskunde A en B. De kaart voor wiskunde B op hetzelfde niveau: wiskunde B havo.

Van de 25 onderdelen hieronder hebben er 9 een eigen pagina op Wiskundehulp. Alle formules staan samen op de formulepagina.

Domein A · Vaardigheden

Schoolexamen, en in het centraal examen samen met domein C en de subdomeinen B1, B2 en E1 tot en met E4.

  • A1–A3 Algemene, profielspecifieke en wiskundige vaardigheden. Weten welke rol wiskunde in de maatschappij speelt en daarover informatie verzamelen en delen; een probleem uit je profiel in wiskundige termen analyseren, oplossen en terugvertalen naar de situatie; en wiskundig werken, zoals modelleren, ordenen, formules bewerken en logisch redeneren, met de grafische rekenmachine als hulpmiddel.

Domein B · Algebra en tellen

B1 en B2: centraal examen. B3 Telproblemen: alleen schoolexamen.

  • B1 Rekenen. Berekeningen met getallen uitvoeren met de rekenkundige basisbewerkingen en haakjes, waaronder rekenen met machten en wortels, verhoudingen, breuken en procenten.
    Op Wiskundehulp: rekenregels met machten en wortels, verhoudingen en breuken (oefenen: verhoudingen en breuken), procenten (oefenen: procenten). Nog niet op Wiskundehulp: haakjes wegwerken, breuken, decimalen en afronden.

  • B2 Algebra. Berekeningen met variabelen uitvoeren met de algebraïsche basisbewerkingen en haakjes, ook met verhoudingen, percentages en breuken waarin variabelen staan.
    Nog niet op Wiskundehulp: rekenregels met variabelen, haakjes bij variabelen.

  • B3 Telproblemen (alleen schoolexamen). Telproblemen structureren en schematiseren en dat gebruiken bij berekeningen en redeneringen. Dit onderdeel zit niet in het centraal examen.

Domein C · Verbanden

Centraal examen.

  • C1 Tabellen. Een tabel maken uit een tekst, grafiek, formule of andere tabel, en tabellen aflezen, interpreteren en koppelen aan grafieken, formules of tekst.
    Nog niet op Wiskundehulp: tabellen maken en aflezen.

  • C2 Grafieken, vergelijkingen en ongelijkheden. Een grafiek tekenen bij een tekst, tabel of formule, er gegevens uit aflezen en grafieken interpreteren en met elkaar vergelijken.
    Op Wiskundehulp: een grafiek bij een formule. Nog niet op Wiskundehulp: grafieken aflezen en vergelijken.

  • C3 Formules met één of meer variabelen. Waarden berekenen door in een formule in te vullen, en een formule opstellen of aanpassen op basis van gegeven informatie.
    Nog niet op Wiskundehulp: invullen in formules, formules opstellen.

  • C4 Lineaire verbanden. Bij een lineair verband een formule opstellen en de grafiek tekenen, lineair interpoleren en extrapoleren, en lineaire vergelijkingen en ongelijkheden oplossen in een situatie uit je profiel.
    Op Wiskundehulp: lineaire vergelijkingen (oefenen: lineaire vergelijkingen). Nog niet op Wiskundehulp: formule bij een lineair verband, lineair interpoleren en extrapoleren.

  • C5 Exponentiële verbanden. Exponentiële verbanden herkennen, met formules beschrijven, in grafieken weergeven en ermee rekenen, met beginwaarde, groeifactor, groeipercentage, halverings- en verdubbelingstijd.
    Op Wiskundehulp: groeifactor, halverings- en verdubbelingstijd (oefenen: groeifactor, halverings- en verdubbelingstijd).

Domein D · Verandering

Alleen schoolexamen.

  • D Verandering (alleen schoolexamen). Bij een grafiek iets zeggen over stijgen, dalen, maximum en minimum, en veranderingen beschrijven met differenties, hellingen en toenamediagrammen. Dit domein zit niet in het centraal examen.

Domein E · Statistiek

E1 tot en met E4: centraal examen. E5 Statistiek met ICT: alleen schoolexamen.

  • E1 Presentaties van data interpreteren en beoordelen. Data die op verschillende manieren zijn weergegeven of samengevat interpreteren en beoordelen of ze passen bij een onderzoeksvraag.
    Nog niet op Wiskundehulp: diagrammen en samenvattingen beoordelen.

  • E2 Data verwerken. Data verwerken en ordenen, weergeven in tabellen, grafieken en diagrammen, en beschrijven met een geschikte centrummaat en spreidingsmaat.
    Op Wiskundehulp: centrummaten: gemiddelde, mediaan en modus (oefenen: centrummaten: gemiddelde, mediaan en modus), spreidingsmaten: standaardafwijking (oefenen: spreidingsmaten: standaardafwijking). Nog niet op Wiskundehulp: boxplot en interkwartielafstand, frequentietabel en kruistabel.

  • E3 Data en verdelingen. Data analyseren en kenmerken van een verdeling beschrijven, waaronder de vuistregels van de normale verdeling.
    Op Wiskundehulp: vuistregels van de normale verdeling (oefenen: vuistregels van de normale verdeling).

  • E4 Statistische uitspraken doen. Op basis van een steekproef iets zeggen over een populatieproportie of populatiegemiddelde en de betrouwbaarheid daarvan, het verschil tussen groepen kwantificeren en het verband tussen twee variabelen beschrijven.
    Nog niet op Wiskundehulp: betrouwbaarheidsinterval, verschil tussen groepen kwantificeren, verband tussen twee variabelen.

  • E5 Statistiek met ICT (alleen schoolexamen). Statistische software gebruiken om grote datasets te interpreteren en te analyseren. Dit onderdeel zit niet in het centraal examen.