Gemiddelde oefenen
Train het rekenkundig gemiddelde (som ÷ aantal) — met stappen uit dezelfde rekenkern als de calculator.
Oefensessie
Wat je oefent
Je begint met het gemiddelde. Heb je dat een paar keer goed, dan komen er ook vragen over de mediaan tussendoor, zodat je leert welke je nodig hebt. Verwar ze niet: de mediaan is het middelste getal na sorteren.
Voorbeeld
Bereken het rekenkundig gemiddelde van 2, 5, 5, 8, 11.
- Som = 31
- Aantal = 5
- 31 ÷ 5 = 6,2
Antwoord: 6,2.
Wat moet ik kennen
Domeinkoppeling uit de syllabus 2027. Geen volledige examenlijst.
vwo · wiskunde A · domein E
Statistiek en kansrekening · bron syllabus wiskunde A vwo 2027 (Examenblad)
Let op: dit domein hoort bij het schoolexamen (SE), niet bij het centraal examen.
Voor vmbo en havo hebben we de syllabus voor het gemiddelde nog niet nagekeken; oefenen kan op elk niveau.
Formulekaart
Printvriendelijk — gebruik Afdrukken in de browser.
- Rekenkundig gemiddelde
- Voorbeeld 2, 5, 5, 8, 11 → 6,2
- Standaardafwijking (populatie)
Steekproef
Een deel van de populatie waarvan je gegevens meet (sample). Bij standaardafwijking vaak met n − 1.
Populatie
De hele groep waarover je iets wilt weten (population).
Oefen ook met echte examenopgaven op Examenblad.nl. We hosten geen oude examens.
Veelgestelde vragen
Verschil met mediaan?
Mediaan is het middelste getal na sorteren. Gemiddelde is som ÷ aantal.
Waar staat de rekenmachine?
Gemiddelde berekenen toont ook mediaan en modus.